Artikelen bij de Berichten aan Wadvarenden

Achtergronden bij artikelen in de e-mailbericht


BaW 2018-12 15 dec 2018

Bouw werelderfgoedcentrum Lauwersoog uitgesteld

Het zal u vermoedelijk niet zijn ontgaan; o.a. Zeehondenopvang Pieterburen en de gemeente De Marne hebben het ambitieuze plan om een 28m hoog multifunctioneel gebouw als werelderfgoed centrum op te trekken op de westelijke kop van de haven van Lauwersoog uitgesteld. Dit na de vele protesten van de hele georganiseerde vaarrecreatie, veel natuurbeschermingsorganisaties en de plaatselijke horeca. Niet dat die tegen een werelderfgoed centrum zijn, maar wel tegen een buitenproportioneel gebouw als nu werd voorgesteld.

De initiatiefnemers hadden in april al met de bouw willen beginnen, maar nu vindt er eerst opnieuw overleg plaats (nu wel) met alle betrokkenen en moet de nieuwe gemeente Het Hogeland, waarin de gemeente De Marne per 1 januari in is opgegaan, een nieuw besluit nemen en een nieuw bestemmingplanwijziging indienen.

Het gaat dus nog wel even duren voor er bij de haven Lauwersoog een Werelderfgoedcentrum verrijst, als het er al van komt en als men weer kiest voor dezelfde plek, gezien o.a. de voorzienbare aanrij- en parkeerproblemen.


BaW 2018-12 15 dec 2018

Waardgronden – de alternatieve route Blauwe Balg bestaat 4 jaar, hoe nu verder?

De alternatieve route voor de Blauwe Balg over de Waardgronden bestaat sinds 2015. Afgelopen week hebben Vaarrecreatie, Rijkswaterstaat, Waddenunit en ministerie LNV de gang van zaken geëvalueerd.

De zuidelijke route van Harlingen of Terschelling naar Ameland wordt opengesteld zodra de jonge zeehonden in dat gebied zijn vertrokken. Deze manier van pragmatisch openstellen van een gebied wordt dynamische zonering genoemd. Enkele keren leverde echter het tijdig plaatsen van de betonning problemen op voor Rijkswaterstaat en dit jaar is de betonning zelfs helemaal achterwege gebleven.

LNV moet er formeel nog over besluiten, maar vermoedelijk wordt ook in 2019 de zuidelijke route opengesteld als die tegen eind juli pupvrij wordt verklaard. Het voorstel is dat er geen tonnen meer worden gelegd, met uitzondering van één gele ton aan weerszijde van het natuurgebied om begin- en eindpunt van de route aan te geven. Verder zal men vermoedelijk op waypoints moeten varen die van de website en Nautin gedownload kunnen worden.

Verder zal in 2019 geprobeerd worden de scheepvaart door de route te registreren om een idee te krijgen van het gebruik van deze route. De Wadvaarders zal samen met de Toerzeilers en eventueel het Watersportverbond regio Wadden onder de leden een enquête houden om een indruk te krijgen van het gebruik en bekendheid van de Waardgronden-route gedurende de afgelopen jaren.

 


BaW 2018-12 15 dec 2018
Van: Maarten Snel

Onze radar is geen radar

In de Wadvaarders Berichten najaar 2018 beschrijft Eilard Jacobs hoe hij in de haven van Vlieland gevangen zat in de mist. En hij beschrijft zijn overwegingen en die van anderen: “Wat te doen bij mist”. Dat vraagt om een nadere precisering.

“Heeft u radar aan boord?”
Bij beperkt zicht mag een schip op de Nederlandse binnenwateren niet varen, tenzij het beschikt over een goedgekeurde radar en de schipper in het bezit is van een radardiploma of radarpatent.
Maar de crux is: De radar die op ons type schepen staat is NIET GOEDGEKEURD. Dus ook al heb je 27 diploma’s, wij mogen op de NL binnenwateren bij slecht zicht niet varen, zonder radar niet maar het mag ook niet met een radar zoals die op onze jachten staat. Verwarrend want in het Binnenvaartpolitiereglement staat op meerdere plekken dat je bij slecht zicht verplicht bent op radar te varen (mits in het bezit van een radardiploma/-patent). Maar “radar” betekent hier dus altijd: een type-goedgekeurde radar. En dat zijn vooralsnog alleen de radars op binnenvaarders, die grote ronddraaiende armen. Die passen niet op onze bootjes. En voor de kosten koop je een heel behoorlijk zeilschip. Om die reden houd ik als stelregel aan: “Onze radar is géén radar”.
In het verhaal van Eilard Jacobs staat beschreven dat de havenmeester van Terschelling iedereen probeerde tegen te houden, ook de schepen met radar. Gelijk heeft hij. Dat de Brandaris op zeker moment aan een schip in het Inschot vroeg: “Heeft u radar aan boord?” draagt mijns inziens alleen maar bij aan de algehele verwarring. Want ook met radar (van ons type, ook wel genoemd een “jachtenradar”) mag je bij slecht zicht niet varen in de grote geulen op het Wad.

Bijlage 9 Binnenvaartpolitiereglement (BPR)
Op enkele Nederlandse binnenwateren mag je bij slecht zicht overigens wel varen zonder radar (of het verstandig is om dat te doen laat ik in het midden). Zie daarover bijlage 9 van het BPR:
- Westerschelde (wordt beschouwd als zee)
- IJsselmeer
- Op de Waddenzee buiten de veerbootgeulen en de geulen naar open zee.
Maar dat lost de meeste problemen niet op, want zodra je vanaf het IJsselmeer een haven inloopt, mag je daar niet meer varen. Idem op de Westerschelde. En op ons geliefde Wad mag je alleen oost-west varen, maar niet in een grotere vaargeul komen, dus ook geen haven binnenlopen.

Over “slecht zicht”
Er wordt gesproken van “slecht zicht”, zonder dat daar in het BPR een eenduidige regel of norm of zichtafstand aan wordt gekoppeld. De verklaring daarvoor is, dat een grote duwboot veel meer tijd en ruimte nodig heeft om een aanvaring te voorkomen dan een plezierjacht. Voor een duwbak-combinatie is 1000 meter al gauw nodig om te stoppen of uit te wijken. Daar heeft “slecht zicht” dus een andere betekenis dan voor een zeilboot. Jurisprudentie is niet eenduidig wat dan “slecht zicht” is voor de verschillende scheepstypes; we zullen het daar mee moeten doen. Mij lijkt 1000 meter (veel) te veel voor mijn 34 voeter. 200 Meter is misschien wat weinig. Ik houd het op 400 meter, maar wie een betere redenering heeft, die mag het zeggen.

Werkgroep Radar-B
Een werkgroep van Kustzeilers, Wadvaarders, Toerzeilers, Watersportverbond, KNMC en enkele anderen waar ook de KNRM actief in participeert, is op dit moment doende om de radars op onze schepen goedgekeurd te krijgen. In deze werkgroep noemen wij onze “jachtenradar” liever een radar-B. Zo’n radar-B moet natuurlijk wel aan bepaalde normen voldoen. En de schipper moet een radardiploma halen. Alleen dan mag hij/zij bij slecht zicht varen op alle binnenlandse wateren. Daarmee wordt deze situatie geheel vergelijkbaar met marifoon: een goedgekeurde installatie en een diploma.