banner
Pagina in afdrukformaat
Vertrekbrief Maarten Snel

Het was mooi !! En: het is mooi geweest.

Na zeven jaren leg ik de voorzittershamer van de vereniging Wadvaarders neer. Daarbij past een korte terugblik en een nog kortere vooruitblik.

In de afgelopen zeven jaren zijn twee convenanten afgesloten. Op ons initiatief werd in 2002 een Erecode voor droogvallen opgesteld. Deze code is in 2003 vastgelegd in het Convenant Droogvallen, ondertekend door overheden en particuliere organisaties. Daarbij werd de vermaledijde 200-meter-regeling in de koelkast gezet, later in de ijskast, nu in de diepvries. De denklijn van deze Erecode wordt inmiddels zeer breed gedragen. Maar blijf alert: in formele zin is de 200-meter-regeling nog steeds niet definitief van tafel.
In het verlengde van de droogvalregeling werd eind 2007 het Convenant Vaarrecreatie door vrijwel alle partijen die bij het Wad betrokken zijn, onderschreven en ondertekend. Daarin is vastgelegd dat een goede harmonie tussen natuurwaarden en recreatiebelangen zeer wel mogelijk is. Niet alleen de inhoud maar ook de sfeer en stijl van dit convenant oogsten alom waardering. Recreantenorganisaties worden niet meer gezien als verstoorders, maar als ambassadeurs van het Wad.
Met veel plezier heb ik meegewerkt aan het sluiten van deze convenanten, soms strijdvaardig, soms in goede harmonie. Omdat ik er in geloof dat bruggen bouwen, zowel met medestanders als met tegenstanders, de juiste weg is om ons doel duurzaam te bereiken: vrij en verantwoord varen en droogvallen op het Wad. Het werken met convenanten heeft opgeleverd dat veel partijen elkaar op inhoud willen en kunnen vinden. Zo trekken wij de laatste jaren vaak op hoofdlijnen gezamenlijk op met onze “gezworen vijanden” uit het verleden, de terreinbeheerders (Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, de landschapsorganisaties). Ook met gemeenten, eilanden en provincies zijn wij het vaak op belangrijke punten eens. En meer dan ooit tevoren vinden wij erkenning en weerklank bij politici, onder verwijzing naar het Conve-nant Vaarrecreatie, waar "hun" ministers immers voor getekend hebben. Dit alles heeft ons de afgelopen jaren geen windeieren gelegd.

Waar zo veel partijen elkaar op inhoud weten te vinden, gebaseerd op het Convenant Vaar-recreatie, had ik verwacht dat het overleg met overheden, en dan met name met LNV-Noord, soepel(er) zou verlopen. Ik moet helaas constateren dat dit het afgelopen jaar meermalen niet het geval was, integendeel. Daarbij bekroop mij een déjà vu: bij mijn aantreden als voorzitter in begin 2002 moest er ook veel strijd geleverd worden, met diverse partijen. Ook toen werden wij vaak gezien als verstoorders, in plaats van als ambassadeurs. Herhaling van zetten, déjà vu; mijn eerste en belangrijkste reden om op te stappen.
Intern is het in 2007 nogal onrustig geweest, grotendeels achter de schermen. In de ledenvergadering van januari 2008 is de koers door een grote meerderheid van onze leden onderschreven. Rust op dat front biedt de mogelijkheid om op te stappen.
En een derde punt dat bij de timing van mijn vertrek als voorzitter een rol heeft gespeeld: de overdracht van het voorzitterschap kon gedurende het jaar 2008 goed worden voorbereid. Het bestuur zal aan de ledenvergadering van januari 2009 een nieuwe voorzitter voordragen.

Zeker, ik zal het missen, het wereldje, het gedoe, de mensen, mijn rol daarin. Met heel veel genoegen en met tevredenheid over de gezamenlijk bereikte resultaten, kijk ik terug op acht jaar bestuurswerk, waarvan zeven jaar als voorzitter van de vereniging Wadvaarders. Aan al die mensen met wie ik heb gestreden en samengewerkt: dank en gegroet!!

In de nabije toekomst zal ik mijn ervaring en bekendheid met het netwerk ten nutte maken voor de berichtgeving over wat er in en rond onze vereniging Wadvaarders speelt. De uitgave van Berichten nummer 70 is daar een goed voorbeeld van.


Maarten Snel