banner
Pagina in afdrukformaat
Impressie van het Toeristisch Overleg voor de Waddenzee

Van Jan Asselberg, 25 augustus 2009

Het Toeristisch Overleg Wadden (TOW) van 25 augustus 2009 kan zonder twijfel historisch genoemd worden. Het was de eerste maal dat we vroegtijdig konden zien welke Art 20 ingrediënten op het vuur stonden voor de kaarten van 2010. Tegelijkertijd was de definitieve versie van de Leidraad beschikbaar. Afsluitingen dienen te voldoen aan de Leidraad, die als elementen kent: Een handzame bezwaarprocedure en paragrafen die omschrijven waaraan de motiveringen voor afsluitingen moeten voldoen, zowel ten aanzien van zeehonden als van vogels. Die voor zeehonden krijgt zo langzamerhand handen en voeten, die voor vogels is nog hoogst summier.

Een dikke dertig man rond een grote tafel in het Friesche Provinciehuis begon goedgemutst aan een middagje polderen. De drie hoofdrollen waren goed vertegenwoordigd: De terreinbeheerders, de handhavers en de belangenbehartigers. Met nam deze laatste groepering leek voltallig: Niet alleen de vertrouwde vaarders, maar deze keer ook wadlopers, vissers, rondvaartrederijen en kanovaarders.
Na obligate agendapuntjes ging het pas echt los toen de Art. 20 voorstellen aan de orde kwamen. Van meet af aan hamerden de belangenbehartigers kamerbreed dat de motiveringen bij de afsluitingsvoorstellen geen van alle de toets aan de leidraad konden doorstaan. “Wat ons betreft nu dus van tafel”. Handhavers en terreinbeheerders probeerden vervolgens van alles om toch tot bespreking te komen, maar inhoud kwam daar niet aan te pas.
Misschien wel het meest extreme voorstel ging over de Engelsche hoek, buitengronden NW van Terschelling. De afsluiting werd nota bene voorgesteld door WUR/Imares. En uiteraard op grond van zeehonden. Uit onverwachte hoek kwam mooi commentaar: De Terschellingse reders zeiden daar als het weer het toeliet dagelijks langs te varen met toeristen, “daar liggen altijd wel een paarhonderd zeehonden. Als deze afsluiting doorgaat kunnen we daar niet meer langs. Dan dwingt u ons vergunning te vragen bij de Provincie en dan varen we er toch. (De aanwezige Provincie knikte.) Dus waar is die afsluiting nou voor nodig? Droogvallen kan je eigenlijk nooit, er loopt altijd wel deining.”
Dit leek weer typisch een voorbeeld van de traditionele ecologische Pavlow reactie: Beesten gezien, hek eromheen. Ik waagde de opmerking dat natuur die niet toegankelijk is ook geen waarde heeft.
Vervolgens liepen de emoties aardig op, er dreigde polarisatie en dat staat professioneel polderen in de weg, na een halfuurtje zakte de spanning wat en kwam het tot inhoudelijk commentaar. “Kunnen jullie dan tenminste zeggen wat je van die voorstellen vindt?”
Dat rondje werd gemaakt, er bleek geen begrip voor welk voorstel dan ook. Mede daardoor kwam de discussie op de convenantafspraak dat het natuurbeheer op het Wad niet langer kwantitatief maar vooral kwalitatief zal worden ingericht. Hekken om gebieden is een kwantitatieve benadering. Er blijkt nog steeds sprake van verstorend  wangedrag, dus dat zou moeten worden aangepakt. Daarvoor werd het gastheerschap uitgevonden. Dat dit instituut na het eerste seizoen nog niet naar tevredenheid werkt mag niemand verbazen.
Waarschijnlijk is het nodig om de handhavers effectieve op gedragsbeïnvloeding gerichte middelen in handen te geven. Zoals bijvoorbeeld de inzet van het milieudelict. Zodra bijvoorbeeld een loslopende hond of een barbecue orgie op een plaat een milieudelict is kan je daar zeer effectief tegen optreden. Nu kan dat nog niet en daarom grijpt de overheid nog steeds naar Art. 20. Wij noemen dat gemakzucht, maar zij hebben de wettelijke plicht het milieu te beschermen.
Aan het eind kwam en nog een mooie draai aan het verhaal. Op de vraag of de indiening door een “derde partij” zoals WUR/Imares betekent dat ook wij voorstellen kunnen indien kwam het antwoord “Ja”.
Dat gaan we dus doen. Zie het bijgaande overzicht. De wereld verandert waar je bij staat.
 

Impressie TOW vergadering 3 maart 2009
Van Jan Asselbergs

In het Toeristisch Overleg Waddenzee vergaderen de participanten van het Convenant over de lopende projecten. Op 3 maart vond deze vergadering plaats bij de opening van de HISWA, ter gelegenheid van de start van het Communicatieproject “Ik pas op het Wad”.
HISWA bood daarvoor een mooie plek aan, op die stand stonden Wadvaarders mee te helpen met het uitdragen van de boodschap.
De sfeer tijdens het TOW overleg is zakelijk, al zijn lang niet altijd alle partijen aanwezig.
Op de agenda stonden praktische zaken, zoals Noordpolderzijl, het baggeren van de nevengeulen, met name op het Lauwersmeer en de stand van zaken rond het schietterrein bij het Poepegat.
Noordpolderzijl is het komend seizoen weer als vanouds toegankelijk. Tevens denkt men na over het spuiregime, opdat de geul in de toekomst minder dichtslibt.
De officiële doorgaande route naar het oosten vanuit Lauwersoog kan niet door het Poepegat vanwege het defensieterrein, waar heel soms schietoefeningen worden gehouden. Noodgedwongen ligt de betonning over het Lutjewad. Er zijn gesprekken gaande om het mogelijk te maken de geul te verleggen naar het Poepegat, korter en vooral veel dieper. Het ziet er hoopvol uit.
Het baggeren van de nevengeulen op het Lauwersmeer (geen Wad, maar alla) blijkt tussen wal en schip. Geen instantie achtte zich daar verantwoordelijk voor. Straks weer wel, dan komt er budget en een plan.